
'Ik leerde praten over mijn gevoel'
Toen Jolaisa (21 jaar) als kind naar Suriname verhuisde, vond ze op school nergens aansluiting. Ze was nieuw en haar Nederlandse accent viel op. Hierdoor trok Jolaisa zich steeds meer terug: het maakte haar eenzaam. In dit verhaal vertelt ze hoe behandeling bij Youz haar hielp om gevoelens niet langer weg te stoppen, maar juist onder ogen te zien. En hoe ze stap voor stap weer vertrouwen kreeg in zichzelf en anderen.
Echt van die kleine dingen die ik ging overdenken. Ik kon daar niet meer uitkomen." Het is een herinnering die Jolaisa nog helder voor de geest staat. Hoe klein zo’n moment misschien ook lijkt, zo groot werd het in haar hoofd.
Toen zij vanuit Suriname terugkwam naar Nederland, hoopte ze dat het beter zou gaan. Maar dat gebeurde niet. “Ik kon mijzelf niet terugvinden”, zegt ze. “Dat kwam ook door de moeizame relatie met mijn ouders en druk van school.”
‘Praten over je gevoel? Dat doe je niet’
Jolaisa voelde zich alsmaar somberder worden. Depressief zelfs. “Ik weet nog goed dat ik na een ruzie met mijn broer dacht: ‘Ik wil dood.’ Ik was toen negen jaar.”
Thuis kon ze dit niet bespreken. “Mijn ouders zijn erg gesloten, dus ik heb nooit het gevoel gehad dat ik bij hen terecht kon. Praten over je gevoel, dat doe je niet. Althans, niet bij ons thuis.”
Pas jaren later trekt Jolaisa aan de bel. Op haar 17e pakt ze zelf de telefoon en vraagt ze de huisarts om hulp. Ze heeft eerst een jaar behandeling gehad bij een andere organisatie binnen de jeugd-ggz. Toen ze 18 werd, moest ze hier afronden. Zo komt ze terecht bij Youz, waar ruimte is voor jongvolwassenen tot 24 jaar.
Van verdoofd naar leren voelen
Bij Youz leerde Jolaisa te praten over haar gevoel en de emoties echt toe te laten. “Ik kon soms wakker worden in de ochtend en me erg verdoofd voelen. Het andere wat ik voelde was boosheid. Ik denk nu dat het opgekropt verdriet was, wat er op een andere manier uitkwam.”
In systeemtherapie maakte Jolaisa met haar behandelaar een tijdlijn van haar leven met daarin de traumatische herinneringen. “Het was fijn om daar eens over te kunnen praten. Die herinneringen gaven echt zo’n zwaar gevoel in de borst. Ik kon ook heel verdrietig zijn: het had allemaal zo anders kunnen zijn. Dat verdriet toelaten was niet makkelijk, maar het hielp wel. Ik kan nu ook beseffen: het is zo gebeurd. En ik laat het los.”
Zonder drempel praten met anderen
Wat Jolaisa echt is bijgebleven van haar tijd bij Youz? “Hoe goed de therapeuten luisterden. Ik heb echt veel steun ervaren: ik denk dat ik dat vooral nodig had. Hier had ik geen filter en kon ik alles zeggen, terwijl ik bij vrienden meer een drempel voelde. Aan hen durfde ik niet te vertellen wat er in me omging.”
Dit doet Jolaise inmiddels wel. “Ik bedacht me: ik geef hen ook veel. Ik ben er óók voor hen. Dus waarom zouden ze mij dat niet teruggeven? En inderdaad: nu ik meer loslaat, merk ik dat ze daar goed mee omgaan. Ik voel me niet meer zo alleen.”
“Dan moet ik het maar voelen”
Na haar behandeling voelt Jolaisa zich lichter. Niet omdat alles in een keer weg is. Zo is de relatie met haar ouders is nog moeizaam. Maar ze kan hier beter mee omgaan. En als ze een keer niet zo lekker in haar vel zit? “Dan moet ik het gewoon maar voelen”, zegt ze. “Ik neem de dag zoals die komt en uiteindelijk probeer ik de dag te starten, zelfs al is het inmiddels avond. En soms merk ik dat suïcidale gedachten weer oppoppen. Dan denk ik: ‘Oh, dat heb ik een tijd niet meer gezegd. Waar komt dat door? Waarom zou ik nu weer beginnen?’”
Boodschap voor jongeren en ouders
Voor jongeren die in hetzelfde schuitje zitten, heeft Jolaisa nog wel een boodschap. “Ik weet dat het heel lastig kan zijn om hulp te zoeken. Vooral wanneer je ouders er niet voor openstaan of een slecht beeld hebben van mensen die naar therapie gaan. Maar als je denkt dat het kan helpen, moet je het zeker doen. Het kan je alleen maar sterker maken.''
Voor ouders die moeite hebben met therapie heeft Jolaisa ook een boodschap: “Probeer je vooroordelen opzij te zetten. Het gaat wel over de gezondheid van iemand die je liefhebt. Vaak denken ouders aan de mening van anderen. Maar die mensen wonen niet in je huis. Je kind wel: daar moet het om gaan.”