
Hoe houden we de jeugdhulp toekomstbestendig?
Een rapper die voor een klas staat en openhartig vertelt over zijn eigen ervaringen. Het klinkt niet direct als een antwoord op de uitdagingen in de jeugdhulp. Maar volgens Jannet Jonk, directeur bedrijfsvoering bij Youz, zit precies daar een belangrijke les. Want goede hulp begint niet altijd in de behandelkamer. Soms begint het eerder: op school, in de klas: in de omgeving waar jongeren dagelijks zijn.
In een interview met Morgen Conclusions deelt Jannet haar visie over de toekomst van jeugdhulp. Die toekomst vraagt volgens haar om een belangrijke beweging: minder automatisch denken in individuele trajecten, en meer investeren in samenwerking, preventie en het versterken van de omgeving van jongeren.
Volgens Jannet zorgt de versnippering van het zorglandschap voor onnodige complexiteit. Jeugdhulporganisaties werken met verschillende gemeenten, elk met eigen afspraken, financieringsvormen en verantwoordingsregels. Daardoor gaat veel tijd verloren aan administratie en afstemming. Ondertussen lopen de wachttijden op en wordt het personeelstekort nijpender. Het is duidelijk: de sector staat onder druk.
“We kunnen niet meer doorgaan zoals nu”, concludeert Jannet. “Wij kunnen niet elk kind individueel blijven behandelen. Daar hebben we straks simpelweg de mensen niet meer voor. Als de omgeving stevig genoeg is om de jongere op te vangen, heb je minder specialistische zorg nodig.”
Youz Nextdoor: eerder in de keten inspringen
Een concreet voorbeeld van die nieuwe beweging is Youz Nextdoor, een integraal programma dat mentale problemen op school bespreekbaar maakt en mentoren versterkt.
Zo staat bijvoorbeeld een rapper voor de klas die zijn verhaal brengt op een manier die aansluit bij de jongeren. Het geeft herkenbaarheid en opent deuren. Zo komen allerlei verhalen naar boven die zelfs voor mentoren nog onbekend waren. Ook deze mentoren worden getraind om signalen eerder te herkennen. Jannet: “We moeten eerder in actie komen. Niet wanneer kinderen pas bij ons voor de deur staan. Liever voorkomen we dat het zo hoog oploopt dat specialistische hulp nodig is. Dat betekent dat we eerder in de keten inspringen.”
‘We moeten elkaar opzoeken’
Die beweging vraagt niet alleen iets van scholen, maar ook van de zorg zelf. Want zolang organisaties langs elkaar heen werken, blijft de hulp voor gezinnen versnipperd. Juist in specialistische zorg is samenwerking nodig. Jannet: “Een voorbeeld daarvan is Beter Thuis, waarbij professionals van Jeugdformaat, Youz en Ipse de Bruggen samenwerken om gezinnen met complexe problemen beter te helpen. We denken vanuit de behoeften van het gezin, niet vanuit het aanbod van de zorgverlener.”
Over de eigen schaduw heenstappen
De toekomst van de jeugdhulp ligt volgens Jannet dus niet in het systeem nóg ingewikkelder maken. Het gaat juist om eerder signaleren, beter samenwerken en jongeren helpen op de plekken waar zij al zijn. Soms betekent dat specialistische behandeling. Maar soms betekent het ook: de omgeving sterker maken, zodat problemen niet verder oplopen.
Dat maakt jeugdhulp niet minder belangrijk. De vorm verandert wel. Minder losse eilandjes, meer samenhang rond jongeren en gezinnen. Of zoals Jannet het zegt: “We moeten over onze eigen schaduw heenstappen.”